Als duidelijk is voor welke behoeftes architecturen zullen worden opgesteld, kan bepaald worden welke kenmerken elk van die architecturen moet krijgen.
Het bereik hangt onder andere af van de mate van autonomie van de verschillende bedrijfsonderdelen.
De te beschrijven aspecten hangen af van het businessdoel. Introductie van een nieuw product zal vooral behoefte hebben aan een visie op de aspecten processen, gegevens en applicaties, terwijl de technische architectuur wellicht evident is. Bij het opstellen van een virtuele werkomgeving als gemeenschappelijke voorziening ligt de nadruk vooral op middleware, platforms en netwerk. Bij de kanteling van de organisatie zal geen enkel aspect achterwege gelaten mogen worden en moeten alle kolommen van het DYA-raamwerk aan bod komen.
De diepgang en vorm, ten slotte, bepalen we aan de hand van het beoogd gebruik en de beoogde doelgroep. Bijvoorbeeld de genoemde hoog niveau praatplaat voor het topmanagement in contrast tot concrete richtlijnen voor het softwareontwikkelteam.